Dolgelukkig zijn Janet en Fred de Raden als blijkt dat Janet opnieuw zwanger is. Hun eerste kindje David is dan negen maanden. De bevalling verloopt zonder problemen, maar de net geboren Ruben moet met de ambulance naar het ziekenhuis gebracht worden. De verloskundige geeft aan dat er iets helemaal niet goed is. Ruben heeft erg veel vruchtwater binnen gekregen.
Ruben wordt direct onderzocht. Er is iets mis met zijn darmen en het kleine ventje moet direct onder het mes. Daarna moet hij nog zes weken in het ziekenhuis blijven om te herstellen. Een hele opluchting voor de ouders. Het is even behelpen, maar na zes weken hebben ze hun gezin compleet thuis.
Dat loopt allemaal anders. Er zijn complicatties en het gaat helemaal niet goed met Ruben. Fred en Janet zijn beurtelings in het ziekenhuis. De ene is steeds bij Ruben en de ander is thuis bij David. Die is nog te jong om in het ziekenhuis te blijven bij zijn nieuwe broertje.
In het ziekenhuis verloopt het niet allemaal even soepel. Soms krijgen de ouders veel informatie en de andere keer wordt er nauwelijks naar ze geluisterd. Het is ook erg vervelend dat Ruben geen vaste verpleegkundigen heeft. Iedere dag staan er nieuwe personen aan zijn bed en zo is er niemand die hem echt goed kent en ziet wanneer het mis is.
De andere ouders in het ziekenhuis kennen het probleem. En onderling wordt er vaak geklaagd over het gedrag van het personeel in het ziekenhuis. De ouders hebben zo een beetje steun aan elkaar. Soms maakt het contact de situatie alleen maar lastiger. Het is namelijk moeilijk om te zien dat een andere baby overlijdt. Of dat een kindje dat er heel erg slecht aan toe is inmiddels naar huis mag. Er is altijd wel een geval om te vergelijken met het eigen kind.
Gelukkig is er ook personeel dat wel daadkracht heeft. Zo zien Janet en Fred hun zoontje achteruit gaan, maar niemand lijkt het te willen beamen. Tot er een verpleegkundige bij de arts aangeeft dat Ruben er inderdaad steeds slechter uit gaat zien. En gelukkig maar. Ruben wordt met spoed geopereerd. Een half uurtje later had fataal kunnen zijn.
Evengoed helpt de operatie niet. De artsen geven aan dat Ruben zal overlijden. Hij is niet meer te redden. Een emotioneel afscheid met alle vrienden en familie volgt. Zo jong en nog geen dag buiten het ziekenhuis geweest. Slechts vier maanden wordt Ruben.
Fred de Raden beschrijft op een open manier hoe hij omgegaan is met de ziekte van zijn zoontje. Hij laat eerlijk zien hoe hij af en toe hoop heeft, maar ook diepe dalen kent waarbij hij huilend met zijn kleintje op schoot zit. Vaak worden ook situaties beschreven die voor ouders verschrikkelijk moeilijk moeten zijn. Enorme naalden die in een klein lijfje gestoken worden en soms behoorlijk hardhandig. Het personeel lijkt weinig emoties te tonen tijdens de verzorging van Ruben. Fred kan het soms niet aanzien. Als lezer krijg je het idee dat Ruben zich kranig weert en je hoopt gewoon dat het wat beter met hem zal gaan. Zelfs terwijl op de flaptekst al te lezen is dat het niet goed af zal lopen.
Ruben is een aangrijpend portret waarin de frustratie van de ouders voelbaar is. Een kleintje dat ziek is en dat je alleen maar uit handen kunt geven aan personen die minder liefdevol met hem omgaan dan je zelf zou doen. Af en toe droomt Fred over de toekomst. Hoe zijn twee zoontjes op het strand spelen. Helaas heeft het nooit zo mogen zijn. Dit gun je geen enkele ouder en dat laat Fred de Raden je voelen met zijn verhaal.