Als ze begin twintig is krijgt Sophie van der Stap te horen dat ze kanker heeft. Het is een vorm die vooral bij kinderen voorkomt. Het is dus niet helemaal duidelijk hoe het verloop bij een volwassen vrouw is. Al snel na de eerste diagnose begint Sophie aan haar chemokuren met alle bijwerkingen, zoals haaruitval en misselijkheid.
In eerste instantie vindt Sophie het moeilijk om een pruik uit te zoeken. Ze vindt dat ze er onecht uitzien. Al snel krijgt ze de smaak te pakken en groeit haar collectie pruiken. En daarmee ook haar aantal persoonlijkheden. Bij elke pruik, en eigenlijk bui, hoort een naam en karakter.
Ze heeft pruiken die haar sexy maken voor tijdens het stappen, terwijl andere weer wat gewoner zijn. Dat ze haar steeds een ander imago geven blijkt uit het feit dat mensen die haar in de ene rol gesproken hebben haar niet herkennen als ze een andere keer als een ander personage komt.
De pruiken vormen een onderdeel om het zware leven als kankerpatiënt dragelijk te maken. Sophie blijft een jonge zelfbewuste vrouw die het vreselijk vindt dat haar leven min of meer stil kom te staan. Haar liefdesleven verloopt bijvoorbeeld ook moeizaam. Aan onbekende mannen durft ze zich niet bloot te geven.
Daarnaast is er telkens de spanning van de voortgang van haar genezing. Iedere keer weer moet ze bij haar doktoren komen die haar vertellen wat de chemo met de ziekte doet.
Sophie van der Stap heeft een eerlijk dagboek geschreven met daarin al haar belevenissen in het jaar dat zij chemokuren kreeg. Ze spaart zichzelf niet en schrijft soms met humor over alles in het ziekenhuis. Ze fantaseert zelfs over een bepaalde dokter.
De strijd die ze voert is duidelijk merkbaar. En dan niet eens de strijd tegen de ziekte maar meer een strijd om wie ze is. De pruiken geven haar een bepaalde houding. Gelukkig heeft ze trouwe vrienden die om haar geven en haar ondersteunen. Hun leven gaat natuurlijk wel door. Sophie staat min of meer stil, want haar studie lukt ook niet door alle afspraken die ze heeft in het ziekenhuis.
Haar leven speelt zich grootendeels af in het ziekenhuis. Niet zo verwonderlijk dus dat ze vriendschap sluit met het personeel en uiteindelijk zelfs de horkerigste dokter in haar hart sluit.
Het boek is confronterend en eerlijk. De humor maakt het makkelijker om te zien hoe een jonge vrouw bijna ten onder gaat aan een ziekte die niet altijd te genezen is. Je zit door de dagboekvorm op de eerste rij en voelt je bijna zelf bevriend raken met Van der Stap. Mooi.
Over auteur Sophie van der Stap studeerde politicologie studeren, met als afstudeerrichting ontwikkelingssamenwerking, tot ze in 2005 te horen kreeg dat ze kanker had. Ze schreef daar haar boek Meisje met negen pruiken over, dat in Nederland maar ook internationaal veel aandacht kreeg.